Voor 2009 hebben we Oostenrijk weer op het oog. Maar het zou wel mooi zijn om eens wat hogere bergen te beklimmen. Dus wij bestuderen een mooi boek met goed bereikbare 3-duizenders. En we vinden een paar mooie in Tirol, Dat lijkt ons wel wat. Oh, Süd-tirol… nou ook goed toch… ? Eh, ligt dat niet in Oostenrijk? Nee, Italië. Nou ja dan gaan we maar naar Italië.
En zo komt het dat we alweer met z’n vijven vertrekken naar Italië. Nog steeds in een ietwat krappe Seat Altea. We hebben bedacht dat we maar een beetje moeten vals spelen en het eerste stuk met de stoeltjeslift omhoog gaan. Dat scheelt alvast een heel stuk. En dan kunnen we dezelfde dag al wel een topje meepikken. Zo staan we al vrij vroeg hoog in de bergen met een prachtig uitzicht op de Ortler met een heerlijk blauwe lucht en een stralende zon.
De eerste etappe gaat van het bergstation van de stoeltjeslift naar de Düsseldorferhütte. Een heel aardig stukje, aan het begin nog vrij geleidelijk en later wat steiler omhoog. Zo zijn we precies op tijd voor de lunch bij de hut. Heerlijk op een zonovergoten terras. Jammer wel dat er veel meer mensen op het idee waren gekomen. Het zit er behoorlijk vol. Toch genieten we met volle teugen van de smakelijke kom soep. Zo kunnen we er weer even tegen voor de rest van de dag. Toch?
We vervolgen de tocht op weg naar de Tschenglser Hochwand. Het doel van deze dag. Aangezien we daarna weer terugkomen in deze hut om te overnachten kunnen we het overgrote deel van onze spullen gewoon in de hut achter laten. Dat scheelt enorm in het gewicht. En zo loopt het een stuk makkelijker. Achter de hut lopen we een soort keteldal in. We moeten bijna helemaal naar achteren lopen om het laatste stuk steil omhoog te gaan de Tschenglser Hochwand op. We lopen door enorme morenen velden. Nog een flink stukje tippelen. Peter heeft na de lange reis en de tocht tot nu toe al veel van z’n energie verbruikt en besluit niet verder mee omhoog te gaan vandaag maar alvast langzaam terug te lopen naar de hut. Hij spaart zijn energie voor de tocht van morgen. Dan staat er ook noch een hele beklimming op de rol. Met z’n vieren vervolgen we de tocht. En ja zowaar even verderop kunnen we onze nieuw aangeschafte klettersteigsetjes uit gaan proberen. Dat wil zeggen allemaal behalve Maarten, die heeft er geen. Bij de beschrijving van de tocht stond dat een klettersteigset aan te bevelen was, maar dat het ook zonder kon. We komen bij een mooi nieuw aangelegde klettersteig het ziet er veelbelovend en spectaculair uit. Iets te spectaculair. Met setje maar met 0 ervaring op klettersteig gebied lijkt het al niet echt haalbaar, maar zonder klettersteigset is het al helemaal onmogelijk. Er blijkt gelukkig ook een oude route te zijn die een stuk beter te behappen is. Op sommige stukken wel voorzien van stukken staaldraad, maar ook zonder setje is het hier prima te doen. Zo komen we na veel klauteren en klimmen op de prachtige top. Met een prachtig uitzicht over het Venostadal. Er komt wat donkere bewolking opzetten en het is inmiddels al 4 uur geweest dus hoogste tijd om weer terug naar de hut te gaan. We nemen een iets andere route. Iets minder klauteren en iets meer gruis. Al met al nog wel een flinke kluif na zo’n lange dag en dan nog het hele stuk terug door het keteldal. Peter zit inmiddels al heerlijk uitgerust in de hut op ons te wachten. En wat smaakt het eten toch altijd heerlijk na zo’n vermoeiende dag. En natuurlijk de niet te missen weizener!
De volgende morgen staan we weer vroeg op. Vandaag willen we ons hoogterecord breken. Het doel is de top van de Hoher Angelus op 3521 meter. Een leuk stukje klimmen, dus bijtijds op pad. Als we vertrekken is het prachtig zonnig en blauw en nog behoorlijk fris. Overal nog rijp op het gras en ijs op de beekjes. Heerlijk.
Peter grijpt zijn kans en loopt een flink eind vooruit als de rest nog wat rustig aan het genieten is en nog wat foto’s aan het maken is. Het gaat over een terrein met veel gruis afgewisseld met morenevelden. Daarna komen we bij een indrukwekkende rotshelling waar we tegenop mogen zigzaggen. Van een afstand vraag je je af hoe dat moet gaan lukken. Maar gewoon het pad volgen en het blijkt toch mogelijk te zijn. Er zijn verschillende stukken gezekerd met staalkabel, maar heel moeilijk is het niet. Wel spectaculair en prachtig. Het weer, het gesteente en de omgeving allemaal even indrukwekkend. Als we op een soort kam komen nemen we even rust en kunnen we nog eens even de berg van gisteren bestuderen, want daar hebben we hiervandaan prima zicht op.
In het vervolg komen er nog wat flinke klauterstukjes waarbij je met handen en voeten over grote rotsblokken moet zien te komen. We gaan hier een stuk vlak langs een groot sneeuwveld. En zo bereiken we vroeg in de middag de top. Wauw, wat een belevenis weer. Genieten!
Op de terugweg snijden we een stuk af, door recht over het grote sneeuwveld te lopen. Het scheelt veel klauteren en loopt heerlijk. De helling is niet te stijl en is prima begaanbaar. En verderop nemen we dan weer dezelfde route als de heenweg. Zo komen we begin van de tweede helft van de middag weer bij de hut. Mooi op tijd om nog lekker van de zon te genieten op het terras met een kaas/vlees-plankje en een heerlijk glas bier.
Zo is het na weer een nacht in dezelfde hut weer tijd om huiswaarts te gaan. Vandaag alleen afdaling naar het dal op het programma. Omdat we er de hele dag de tijd voor hebben lopen we het hele stuk maar. En nemen we niet de kabelbaan zoals op de heenweg. Zo dalen we weer onder de boomgrens en genieten we nog wat van weer een andere kant van de bergwereld door het gras en door de bossen. En we zijn mooi op tijd weer bij de auto. We besluiten maar direct op huis aan te gaan. Dus allemaal weer in de auto en … hup op weg.